Euro 95, Euro 98 en diesel krijgen andere naam

Euro 95, Euro 98 en diesel krijgen andere naam: zo vergist u zich niet aan de pomp

Vanaf 12 oktober worden de namen en symbolen voor de verschillende soorten brandstof in heel de Europese Unie (en zeven andere landen) gelijkgesteld, zo meldt de FOD Economie. Let dus goed op de volgende keer dat u moet tanken, want er is verwarring mogelijk. Zo staat de “b” van benzine nu plots voor (bio)diesel. Een overzichtje:

Benzine

Op dit moment kan u in ons land kiezen tussen Euro 95 of Euro 98. Die maken plaats voor E5 en E10 (in Frankrijk heb je ook nog E85). De letter “E” verwijst naar ethanol en het cijfer slaat dan weer op het percentage dat de motor van het voertuig aanvaardt. E5 is dus benzine met maximaal 5 procent ethanol, E10 met 10 procent… De nieuwe namen voor de benzinevarianten worden telkens in een cirkel geplaatst.

Diesel

Diesel maakt dan weer plaats voor B7B10 en XTL. De “B” verwijst naar biodiesel, het cijfer slaat hier eveneens op het percentage biodiesel dat de motor accepteert. B7 is dus diesel voor een wagen die 7 procent biodiesel ondersteunt. XTL staat dan weer voor (paraffinische) synthetische diesel, die geproduceerd wordt op basis van aardgas, plantaardige oliën of dierlijke vetten. De nieuwe namen voor diesel worden telkens in een vierkant geplaatst.

Gas

De verschillende types gassen worden voortaan aangeduid met een afkorting en worden in een ruit geplaatst. H2 staat voor waterstof, CNG voor gecomprimeerd aardgas, LPG voor vloeibaar petroleumgas en LNG voor vloeibaar aardgas.

Waar is dit van toepassing?

De veranderingen kaderen in een Europese richtlijn uit oktober 2014 en worden toegepast in de 28 lidstaten van de Europese Unie en ook in Liechtenstein, IJsland, Noorwegen, Macedonië, Servië, Zwitserland en Turkije.

Waarom de verandering?

De Europese Unie wil consumenten helpen bij de keuze van de geschikte brandstof voor hun voertuig, vooral met het oog op de invoering van nieuwe brandstoffen.

Verwarring

Zullen de aanpassingen niet net tot het omgekeerde leiden en verwarring veroorzaken? Zo staat de “b” van benzine plots voor diesel… Wordt er niet gevreesd dat we nu massaal verkeerd gaan tanken? “Het zal wellicht even aanpassen zijn”, geeft Chantal De Pauw, woordvoerder van de FOD Mobiliteit, toe. “Maar er komt een overgangsperiode waarin beide benamingen zullen worden gebruikt. Hoelang die periode duurt, is afhankelijk van hoe snel de mensen de klik in hun hoofd maken. Daarnaast komt er ook een online campagne om de consument te informeren. We zijn er echter van overtuigd dat de aanpassing op lange termijn in het voordeel van de consument zal zijn.”

Dat gelooft ook Johan Mattart van Brafco, de Federatie van Brandstofverdelers. “Met de komst van nieuwe varianten zal er op termijn nood zijn aan een duidelijk en uniform label, zodat niemand zich nog kan vergissen. Op korte termijn zal de consument zich inderdaad moeten aanpassen. Om verwarring te vermijden raden wij onze leden aan om de woorden diesel en euro 95 of 98 ook gewoon op de pomp te laten staan. Blijvend. De Europese richtlijn verbiedt dat niet, de nieuwe informatie moet gewoon ook duidelijk vermeld zijn.”

Dure stickers

Brafco is dan weer minder gelukkig met de prijs van de stickers die het Bureau voor Normalisatie (NBN) aanrekent. “3 euro per sticker! Ze profiteren van de situatie omdat ze een monopolie hebben”, aldus nog Mattart.

Waar vinden we de nieuwe etiketten?

Normaal gezien zouden alle tankstations tegen 12 oktober de nodige veranderingen hebben moeten aangebracht. Daar zullen controles voor komen, al zal er ook een korte periode van “tolerantie” zijn. De nieuwe symbolen moeten ook terug te vinden zijn bij autohandelaars, op de vuldop van nieuwe wagens en in de gebruiksaanwijzingen.

 

Bron: Nieuwsblad 03/10/2018 Klik hier

Dossier winterbanden: een groot potentieel

Winterbanden lijken de status te hebben bereikt van een mature markt. De salescurves stabiliseren en zijn nog enkel onderhevig aan schommelingen door de weersomstandigheden.

Nochtans is het in deze sector minder kalm dan het oogt. De markt is bijzonder creatief en biedt tegelijk het hoofd aan nieuwe uitdagingen. Geen plaats voor zwartkijkers in de bandenwereld!

In 2018 zou de totale verkoop van autobanden in België 5,675 miljoen stuks* moeten bedragen. Een resultaat dat de spelers in de sector tevreden stelt want het bevestigt de algemene opwaartse trend van de afgelopen jaren. 2018 zou daarmee in het kielzog van 2017 volgen met een toename van ongeveer 75.000 eenheden (1,3 %). Tussen 2014 en dit jaar groeide de markt met 475.000 eenheden! Een mooi plaatje dus en daar zijn diverse verklaringen voor. De belangrijkste is natuurlijk dat er meer auto’s op de weg zijn. 400.000 inschrijvingen verhoogden het wagenpark in België tot 6,5 miljoen exemplaren. Deze trend zou zich de komende jaren moeten doorzetten, met name door de positieve evolutie van de inschrijvingen van personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen, die dit jaar een nieuw record zouden kunnen bereiken, met 637.500 voertuigen samen (560.000 personenauto’s en 77.500 lichte bedrijfsvoertuigen).

Stabiele markt
In dit gunstige scenario zouden de winterbanden dit jaar uitkomen op 1,475 miljoen eenheden*. Dat is een lichte daling (2,3 %) ten opzichte van 2017, een uitzonderlijk jaar waarin voor het eerst de grens van 1,5 miljoen werd overschreden. Deze lichte daling van de verkoop brengt de markt terug naar het uitstekende niveau van 2014, na een daling tot 1,250 miljoen in 2015.

“De markt stabiliseert”, legt Ann Ferket van Goodyear Dunlop Retail Partners uit. En het zou verbazen als dat de komende jaren zou veranderen: “Tenzij de wetgeving wordt gewijzigd, zou deze stabiliteit zich moeten bestendigen”, besluit onze gesprekspartner. Nochtans is er heel wat ruimte voor progressie. Uit een onderzoek van Goodyear Dunlop blijkt dat amper 50% van de wagens in België al winterbanden monteert. Na een piek van 54,4 % in 2015, heeft de montage van winterbanden (gemeten in februari in vijf grote Belgische steden) zich de laatste drie jaar genesteld rond 45 %.

De boom van de ‘allseasonband’
Terwijl de markt voor winterbanden een plateau heeft bereikt, wordt de opmars van de ‘vierseizoensband’ snel krachtiger. De vraag groeit gezwind, voortdurend en gestaag. Ze zou dit jaar 11,6 % moeten bedragen, wat neerkomt op ongeveer 600.000 banden. “Deze sterke toename van de belangstelling voor allseasonbanden wordt niet alleen verklaard door de kwaliteit van de banden, maar ook door de grotere diversiteit van de aangeboden producten; meer merken, meer maten, grotere beschikbaarheid enz.”legt Ann Ferket uit. “En dan is er nog de invloed van de wetgeving in de buurlanden. Als u in de winter in Duitsland of Luxemburg rijdt, moet u nu uitgerust zijn met M+S-banden met de 3PMSF-markering.” Hoewel ze het in winterse omstandigheden moeten afleggen tegen winterbanden, zijn allseasonbanden een steeds populairder alternatief voor consumenten die af en toe de de buurlanden bezoeken maar geen twee sets banden per jaar willen afwisselen. Het is een oplossing die om dezelfde redenen ook steeds meer fleetmanagers aantrekt. “En we merken dat deze rage voor de all season band niet ten koste gaat van de winterband. Het merendeel van de klanten heeft eerder altijd zomerbanden gehad”, zegt Ann Ferket. Daarvan overweegt nu 60 % een allseasonband. Ongetwijfeld een heel goede zaak voor de veiligheid!

*Bron: Vulco en Traxio klik hier

Dit is de beste termijn om uw auto terug te betalen

 Hebt u de wagen van uw dromen gevonden, maar kan u onvoldoende spaargeld vrijmaken? Dan hebt u misschien baat bij een autolening. De volgende richtlijnen helpen u bij de afbetaling.

Welke looptijd voor u uiteindelijk het interessantst is, hangt uiteraard af van het bedrag dat u wilt lenen en van het bedrag dat u maandelijks kunt missen. Hoe langer u de looptijd rekt, hoe kleiner de maandelijkse afbetaling is en hoe gemakkelijker het zal zijn om de lening terug te betalen. Kiest u voor de korte pijn, dan moet u maandelijks meer terugbetalen, maar dan hebt u aan het einde van de rit minder rente neergeteld.

Leningen vergelijken

Om een idee te krijgen van het bedrag dat u maandelijks zult moeten afbetalen, kunt u het leenbedrag tegenover verschillende looptijden afzetten. Met deze simulatietool kunt u schuiven met de looptijd. Zo ziet u meteen wat de impact is op de maandelijkse aflossingen en de rentevoet.

We deden de simulatie voor een bedrag van 15.000 euro, met een looptijd van respectievelijk 24 en 48 maanden.

Zo blijkt dat Beobank momenteel met 0,65% de scherpste rente in de markt neerzet. U betaalt daar per maand 629,22 euro als u voor een looptijd van 24 maanden kiest. Uw totale interest bedraagt dan 101,28 euro. Kiest u ervoor om de lening over 48 maanden te spreiden, dan betaalt u maandelijks 316,65 euro, maar dan loopt de totale rente op tot 199,20 euro.

Tip: Bekijk zelf eens hoe de looptijd van de lening uw persoonlijke maandelijkse afbetaling beïnvloedt

Als u de resultaten tussen verschillende banken onderling vergelijkt, dan merkt u dat de rentes die banken voor eenzelfde bedrag en looptermijn geven sterk variëren. Het verschil tussen de laagste en hoogste rente op de markt kan oplopen tot bijna 5 procentpunt. Vertrouw daarom niet blindelings op uw eigen bank, maar vergelijk zeker eens de diverse tarieven.

Tip: Hier vindt u de goedkoopste autoleningen

Houd rekening met de wettelijke maximale looptijd

De looptijd is verder gebonden aan wettelijke beperkingen. Zo mag u voor bedragen tot 2.500 euro maximum 24 maanden nemen om die af te betalen. Voor bedragen tot 10.000 euro is dat maximum 48 maanden en wie tot 50.000 euro wil lenen, mag de terugbetaling over ten hoogste 72 maanden spreiden.

Spreid uw lening niet te lang

Omdat een wagen vrij snel in waarde daalt, adviseren banken om de afbetaling van een autolening toch niet over een al te lange periode te spreiden. Vier jaar is echt wel het maximum voor wagens die binnen de gemiddelde prijscategorieën vallen.

Kredietverstrekkers hebben nog een andere reden om een korte looptijd te adviseren. Stel dat het noodlot toeslaat en uw wagen total loss is, dan blijft de afbetaling van uw lening vaak wel lopen. Als u dan een lening voor een nieuwe wagen wil aangaan, kan het totale te betalen bedrag pittig worden.

Onderscheid tussen nieuw en tweedehands

Als u autoleningen onder de loep neemt, zult u zien dat de rentes voor nieuwe wagens een stuk lager liggen dan voor tweedehandswagens van meer dan drie jaar oud. Alleen valt dat vaak niet op, omdat mensen vooral het bedrag willen weten dat ze elke maand moeten betalen. Bij een goedkopere tweedehandswagen ligt dat bedrag doorgaans lager. Maar mocht u hetzelfde bedrag lenen voor uw tweedehandswagen dan voor een nieuwe wagen, dan betaalt u over dezelfde periode dus wel een pak meer interest.

Leent u bijvoorbeeld 15.000 euro op 36 maanden bij ING, dan bedraagt de rente voor een nieuwe wagen 0,85%. Voor een tweedehandswagen van twee jaar oud loopt de rente op tot 3,90%. Hier kan u zelf de vergelijking maken.

Een belangrijke reden hiervoor is dat banken bij tweedehandswagens de kans hoger inschatten dat ze hun geld niet of slechts gedeeltelijk terugkrijgen. Mensen zullen immers sneller geneigd zijn om hun maandelijkse aflossingen te staken als hun (oudere) auto het ineens pertinent laat afweten.

Bron: HLN klik hier

Fraude bij geïmporteerde voertuigen aanzienlijk gedaald dankzij uitwisseling tellerstanden

Kilometertellerfraude is in België bijna volledig verdwenen sinds de invoering van de Car-Pass in 2006. Door een uitwisseling van de kilometerstanden tussen België en Nederland is nu ook het aantal fraudegevallen met geïmporteerde voertuigen aanzienlijk gedaald. Dat zegt Car-Pass vzw vandaag naar aanleiding van de publicatie van haar jaarverslag.
Vorig jaar werden slechts 1.795 fraudegevallen geregistreerd, een marginaal aantal op het totaal aangeleverde Car-Passcertificaten (804.053), aldus de vzw, die bij elke verkoop van een tweedehandswagen verplicht voor een certificaat zorgt. Toch zijn er nog flagrante fraudegevallen, die bewijzen dat de consument op de hoede moet zijn. De zwaarste fraude gebeurde met een Mercedes Sprinter uit 2013, waarbij de kilometerteller met meer dan 570.000 kilometer werd teruggedraaid.

Samenwerking

Tot voor kort kon Car-Pass echter geen enkele oplossing bieden voor fraude met geïmporteerde voertuigen, terwijl in 2015 met 20 procent van de uit Nederland ingevoerde auto’s geknoeid werd met de teller. Een fraude die de Belgische consument jaarlijks bijna 2 miljoen euro kostte. Daarom hebben België en Nederland eind vorig jaar beslist om de kilometerstanden uit de centrale databank van respectievelijk Car-Pass en RDW met elkaar te delen. In april 2017 was het aantal fraudegevallen al met twee derde teruggelopen, aldus de vzw, die de Europese Commissie en de andere EU-lidstaten oproept om snel werk te maken van een efficiënte anti-tellerfraudewetgeving.

Uitbreiding

Ook moet de Car-Pass in de toekomst bijkomende informatie bevatten, die voor de consument nuttig kan in zijn aankoopbeslissing. Zo zal de potentiële koper de milieukenmerken meteen van de Car-Pass kunnen aflezen, en zal hij geïnformeerd worden of er nog belangrijke terugroepacties op het voertuig moeten worden uitgevoerd en of er nog een keuring na ongeval moet gebeuren. Aan de nodige wetswijzigingen wordt momenteel hard gewerkt, klinkt het.
Car-Pass vzw is een initiatief van Febiac, Federauto en Goca, in samenwerking met de FOD Economie, de FOD Mobiliteit en Vervoer en met de steun van Touring en VAB.

Bron: HLN klik hier

VAB: ‘Verplichte keuring van tweedehandswagens moet grondiger’

De verplichte tweedehandskeuring verschaft onvoldoende informatie over de toekomstige bedrijfszekerheid van het gekeurde voertuig. Dat heeft mobiliteitsclub VAB geconcludeerd nadat uit een studie van de Europese Unie uit oktober 2014 gebleken was dat 4 op de 10 tweedehandswagens in België binnen het jaar na aankoop defect gaan.

VAB ging op zoek naar de oorzaak voor dat slechte cijfer en vond een verklaring in de tweedehandskeuring. Die betreft momenteel grotendeels een louter visuele controle, en er is onvoldoende tijd om enkele kritische aspecten diepgaander te controleren, klinkt het bij VAB.

De mobiliteitsclub vraagt daarom ‘een grondige hertekening van deze verplichte tweedehandskeuring, zodat kopers van een tweedehandsvoertuig een beter advies krijgen over het risico op toekomstige defecten en dus kunnen ingrijpen om die te voorkomen, of kunnen afzien van de koop’.

VAB pleit voor een betere bescherming van de consument. Dit kan door de tweedehandskeuring anders in te vullen en kopers van tweedehandswagens te sensibiliseren, zodat ze een testrit maken en een verkoopovereenkomst sluiten onder de opschortende voorwaarde dat de wagen een positieve tweedehandskeuring heeft ondergaan.

Een heroriëntatie van de verplichte tweedehandskeuring kan volgens VAB door enkele minder essentiële visuele controles te schrappen en door de keuring te richten op de vaakst voorkomende defecten bij tweedehandswagens.

Vandaag worden volgens VAB heel wat zaken gecontroleerd die op zich wel hun belang hebben, maar die door de koper gemakkelijk zelf kunnen worden gecontroleerd, zoals bijvoorbeeld de verbanddoos, de gevarendriehoek, het reservewiel, de brandstofdop en het brandblustoestel.

 

Bron: Nieuwsblad klik hier